Informatie over OSANI, Wie zorgt er voor mijn kind als ik dat zelf niet meer kan
| INLEIDING In onze samenleving is het gewoon dat kinderen langer leven hun ouders. Voor mensen met een beperking is dat ook zo. De vraag van ouders “Wie zorgt straks voor een goed leven voor mijn kind?” is dan ook een heel actuele vraag. Deze vraag komen we steeds vaker tegen via allerlei kanalen o.a. bij KansPlus, bij Stichting de Toekomst, project “Regie over je leven”, cursus sociale netwerken enz. In april 2003 heeft Stichting de Toekomst Vicky Gammack en Al Etmansky uitgenodigd voor een workshop over hun organisatie PLAN. PLAN staat voor Planned Lifetime Advocacy Network. PLAN geeft een antwoord op bovenstaande vraag. |
| Het begint 14 jaar geleden: een groep Canadese ouders gaat bij elkaar zitten, omdat ze zich bezig houden met de vraag “Wat als ik er straks niet meer ben?” Zij behoren tot de eerste generatie ouders van wie het kind langer leeft dan zijzelf door de verbeterde zorg. Een nieuw fenomeen in veel landen. Deze groep koos ervoor de toekomst van hun kind niet alleen te bouwen op de geboden zorg. Ze besloten zaken meer in eigen hand te nemen. Hun vertrouwen stelden ze vooral in mensen die, net als zij veel geven om hun kind. Die actief te betrekken bij de toekomst van hun zoon of dochter via een netwerk, een vriendencirkel. Nadenken en plannen voor de toekomst bleken voor hen een manier om mentaal rust te vinden. PLAN was geboren. |
| Wat doet PLAN Belangrijkste activiteit van PLAN is het werken aan Persoonlijke Netwerken, het opzetten van vriendencirkels. PLAN huurt een facilitator in om de persoon te leren kennen en te bouwen aan een netwerk om hem heen. Naast ouders komen overigens ook mensen met een handicap zelf naar PLAN met het verzoek hen te helpen met het creëren van een netwerk. Naast planning is consultatie een van de activiteiten, met name over geld en bezit. Ze hebben in de afgelopen 14 jaar veel geleerd over hoe je testamenten goed kan regelen, welke juridische instrumenten te gebruiken, welke financiële regelingen, onroerend goed e.d. De huidige raamwerken/regelingen zijn vaak 35 jaar oud. Bij deze regelingen is de mogelijkheid nog niet ingebouwd dat mensen met een handicap hun ouders overleven. Modernisering is dus noodzakelijk. Belangenbehartiging en beleids(her)vorming zijn vervolgens werkgebieden van PLAN. Individuele belangenbehartigers bv. helpen een kind op een school te krijgen, zoeken mee naar beter werk en betere medische zorg’. Op beleidsniveau is PLAN actief om het beleidskader mee te veranderen. Dat kan omdat de organisatie onafhankelijk is en geen geld van de overheid ontvangt. Tenslotte organiseren ze levenslange betrokkenheid: je wordt lid voor het leven. PLAN geeft een levenslange garantie dat een netwerk in stand wordt gehouden, dat financiën worden gevolgd, en dat opgekomen wordt voor de belangen van iemand, dat hij/zij niet wordt uitgebuit. De organisatie is zelf-voorzienend, het wordt van groot belang geacht onafhankelijk van de overheid te kunnen handelen. Financiën worden verkregen via sociaal ondernemerschap. Daarnaast is PLAN geheel geleid door ouders/families. Families leggen aan elkaar verantwoording af. PLAN staat open voor iedereen: er bestaat geen handicap die relaties onmogelijk maakt! |
| Hoe bouw je aan netwerken? Je begint met het zoeken van een geschikte facilitator, iemand uit dezelfde buurt met een gastvrij karakter. Iemand die je op verschillende plekken kan introduceren. Vervolgens is het heel belangrijk het netwerken strategisch aan te pakken. De facilitator maakt voor de persoon een werkplan, waarin het aantal benodigde uren staat aangegeven en wat je gaat doen. Gemiddeld is dit 3 uur per maand per persoon, in het begin meer. Het gaat om het creëren van mogelijkheden, de facilitator doet feitelijk niets anders dan dat. De facilitator is niet het centrum van het netwerk, maar de persoon zelf. De facilitator stuurt bv. uitnodigingen naar de mensen in de cirkel om bijeen te komen. De bijeenkomsten zijn liever op zaterdag dan in kantooruren. Bij mensen thuis of in een restaurant. Dus op plaatsen en tijden die geschikt zijn om plezier te maken, ook al is een bijeenkomst ook hard werken. Daarnaast zorgt de facilitator voor een verslag, bv. in de vorm van een nieuwsbrief; er staat in wat is besproken, welke afspraken zijn gemaakt en hoe deze worden opgevolgd. De facilitator houdt de focus van de groep gericht op capaciteiten, belangstelling en passies. Het is goed je te realiseren dat het jaren kost om een netwerk op te bouwen. Het is dus niet geschikt om een crisis op te lossen. Veel netwerken hebben broers en zussen. Broers en zussen houden van netwerken, het sluit aan bij hun behoefte te praten over de toekomst. Het is belangrijk dingen in de familie samen te bespreken. Een goede bron ter versterking van netwerken zijn ook oud-begeleiders. Ieder netwerk is tenslotte uniek. |
| Het kost veel tijd, en voor families is het vaak een uitdaging zo aan het werk te gaan. Het brengt veel van wat onder de oppervlakte ligt naar boven. Dat is niet altijd gemakkelijk. Het is moeilijk voor ouders hulp te vragen, je kind te laten gaan en te geloven en blijven geloven in je kind en dat hij kan bijdragen aan een betere samenleving. Hierna volgt nog veel meer informatie over de aanleiding, de Nederlandse opzet, de stand van zaken enz. |




